English english Nederlands nederlands
Burg. Marijnenlaan 123 - 2585 DV Den Haag

Tel. 070 - 3630076 Fax. 070 - 3615788

Email. secretariaat@lucardie-advocaten.nl

bestuursrecht

Familierecht

Het meest in het oog springende onderdeel van het personen- en familierecht is de echtscheiding. Alle advocaten van Lucardie & De Visser Advocaten kunnen u bijstaan in geval van een echtscheiding.
Weinig dingen zijn zo ingrijpend als een echtscheiding, zeker als dat gebeurt na een aantal jaren waarin beide echtelieden lief en leed hebben gedeeld. In veel huwelijken komt er helaas een moment, waarop het echt niet verder kan. Dan zijn er twee mogelijkheden.


Het gemeenschappelijk verzoek

Als u het er samen over eens bent, dat een echtscheiding de beste oplossing voor de huidige problemen is, en als u het er samen ook grotendeels over eens bent, hoe de verdeling van geld en goederen eruit moet zien, kunt u kiezen voor een echtscheiding op basis van een gemeenschappelijk verzoek.
In de meeste gevallen is er dan al een idee over de verdeling van de inboedel en van de schulden en/of bezittingen. Zeker als er geen alimentatieverplichting bestaat, is dit een aan te bevelen traject. Mocht er wel een verplichting tot alimentatiebetaling ontstaan, én u bent het er over eens hoe die eruit moet zien, kunt u ook voor dit traject kiezen. (Zie ook het overzicht van de benodigde gegevens.) Met de advocaat stellen u en uw echtelijke wederhelft samen een echtscheidingsconvenant (een echtscheidingsovereenkomst) op. Samen met een verzoek om een echtscheidingsbeschikking gaan deze stukken naar de Rechtbank. Vanaf dat moment is het een kwestie van enkele weken voordat de echtscheiding door de rechter is uitgesproken. Er wordt dan in beginsel geen zitting gehouden waar u bij aanwezig moet zijn.


Eenzijdig verzoek

Als de onderlinge verhoudingen een gemeenschappelijk verzoek niet meer mogelijk maken, kunt u er ook voor kiezen de echtscheiding zelf (eenzijdig) in te zetten (of als uw echtelijke wederhelft dat al gedaan heeft een eigen advocaat te kiezen). Het duurt dan vaak veel langer om de verdeling van goederen, bezittingen en schulden te regelen, maar uiteindelijk gebeurt dat toch. Eén van de partijen dient namelijk een verzoek tot echtscheiding in bij de Rechtbank. Die vraagt vervolgens om alle mogelijke financiële en andere gegevens, en als de echtgenoten er zelf niet uitkomen – ook met hun advocaten niet – dan bepaalt de Rechtbank wel hoe de echtscheiding er op basis van deze gegevens uit komt te zien. Het verdient aanbeveling om dit soort dingen toch van te voren te regelen. Bij een eenzijdig verzoek volgt altijd een zitting op de Rechtbank. Lucardie & De Visser Advocaten staan tot uw dienst.


Enkele bijzonderheden


Eigen huis

Eén van de lastigste onderdelen van de echtscheidingsprocedure is de verdeling van de centen. Wie moet er wat aan wie betalen? Is er sprake van een huwelijk in algehele gemeenschap van goederen, of zijn er huwelijkse voorwaarden opgemaakt? De overwaarde van het huis (of de openstaande schuld) wordt meestal 50-50 verdeeld. Soms moet het huis verkocht worden, zodat de één aan de ander de overwaarde kan uitbetalen. Soms moet de hypotheek op naam van de één geschreven worden, zodat de ander geen last meer heeft van eventuele betalingsachterstanden. In het laatste geval moet degene die het huis houdt, ook voldoende inkomsten hebben om in zijn of haar eentje de hypotheek te kunnen betalen.


Alimentatie
voor de partner
Als de ene echtgenoot veel meer verdiend heeft dan de andere, moet de ene partner aan de andere partner alimentatie betalen. Hoe groot dat bedrag is, hangt van heel veel factoren af. Er moeten zgn. draagkracht- en behoefteberekeningen gemaakt worden: wat kan de alimentatieplichtige betalen, en wat heeft de alimentatiegerechtigde nodig? Met behulp van speciale rekenprogramma’s zijn we daar meestal vrij snel achter. We moeten dan wel veel financiële informatie van uw kant krijgen (zie daarvoor het overzicht van de benodigde gegevens).


Alimentatie
voor de kinderen
Beide ouders hebben en houden de onderhoudsplicht voor hun kinderen totdat die 21 jaar oud zijn. Dat betekent, dat de ouder aan wie de kinderen niet zijn toegewezen toch bij moet dragen in de kosten voor het levensonderhoud van die kinderen. Daar zijn tabellen en berekeningen voor, waarin rekening gehouden wordt met de financiële draagkracht van de ouder die die alimentatie moet gaan betalen.


Pensioenen

In veel huwelijken verdienen de echtelieden niet evenveel, en dus wordt er door de één ook (veel) meer geld gestoken in pensioenvoorzieningen. Heel vaak wordt het geld voor pensioenvoorzieningen al met het gewone maandloon verrekend. Maar het is wel geld, dat anders gewoon in de huishoudportemonnee terecht zou zijn gekomen. En als het niet aan pensioenen zou zijn besteed, zou het dus aan andere dingen besteed kunnen worden. Hoe dan ook: ook dat geld moet worden verdeeld voor zover het betrekking heeft op de huwelijkse periode.
Voorbeeld: de één heeft gedurende veertig jaar pensioen opgebouwd (al of niet via de werkgever). Van die veertig jaar is hij vijftien jaar getrouwd geweest. Dus de ander heeft, na het bereiken van het 65e  levensjaar, recht op de helft van 15/40 van de pensioenuitkering die de een ontvangt.


Kinderen

Voor minderjarige kinderen is de echtscheiding van de ouders vaak ook bijzonder ingrijpend. Daarom wordt er gelukkig ook veel aandacht besteed aan de situatie waarin de kinderen komen te verkeren. In de meeste gevallen worden de kinderen toegewezen aan één van de ouders, soms (bij grotere gezinnen) worden de kinderen als het ware verdeeld over de ouders. Hoe ouder het kind, hoe meer zeggenschap het kind heeft. Kinderen van 12 jaar en ouder worden vaak 'gehoord' over hun keuze voor één van de ouders. (Let op: dit is niet doorslaggevend, maar wel belangrijk.) Kinderen boven de 16 mogen meestal gewoon zelf kiezen, en meerderjarige kinderen moeten zelf kiezen - daar doet de rechter geen uitspraak over.


Omgang

Als de kinderen aan één van de ouders zijn toegewezen, dan heeft de andere ouder recht op omgang met die kinderen. Veelal komt dat erop neer, dat de kinderen dan eenmaal per veertien dagen naar de andere ouder gaan, alsmede de helft van de schoolvakanties en feestdagen. Maar er kunnen al direct vanaf het begin afspraken gemaakt worden over andere varianten. Als de omgangsregeling niet meer voldoet, kan er altijd een wijziging worden voorgesteld, en als die niet onredelijk is en als beide ouders ermee instemmen, levert dit meestal geen probleem op. Het wordt natuurlijk spannend, als één van de ouders de kinderen vaker wil zien dan in de omgangsregeling is vastgelegd, en de andere ouder wil dat niet.


VRAGEN?

Mocht u naar aanleiding van het bovenstaande nog vragen hebben, de deskundigen van Lucardie & De Visser Advocaten informeren u graag over uw mogelijkheden.